Pis

De zaken gingen goed bij ons. Zo goed zelfs, dat er meer kantoorruimte nodig was. Daarom werd er een nieuw gebouw geplaatst, tegen het hoofdgebouw aan. Leuk, een nieuw kantoor met mooie bureaus en heerlijke stoelen. Maar niet de toiletten. Want die stonken. Vooral rond de urinoirs hing een vies luchtje. Begrepen de mannen dan eindelijk dat ze dat getekende vliegje niet konden wegpissen? En sproeiden ze als vanouds weer vrolijk in de rondte? Werd er niet genoeg schoongemaakt? Nee.

Het was de afwatering die te wensen overliet. Het zou uiteindelijk allemaal goedkomen, na een paar weekeindjes overwerk van de aannemer.

Soms was de stank niet te harden. Vooral bij mooi weer. Het was zelfs zo erg, dat ik herinnerd werd aan de wc’s naast de snelweg in Frankrijk. Je weet wel, die wc’s met twee eilanden om je voeten op te zetten en een gat in de grond, om in te mikken. Die werden nauwelijks schoongemaakt en je kon ze vanaf vijftig meter al ruiken. Ik durfde er nooit iets aan te raken, zelfs niet de kraan.

Mijn vader verloor ooit zijn sleutels op zo’n wc en zag ze in het poepgat verdwijnen. Uiteraard zonder eerst door te trekken ging hij op zijn knieen zitten en met één arm tot aan zijn schouder in het poepgat wist hij nog net zijn sleutelbos terug te hengelen.

Ongelooflijk, wat de zure lucht van opgedroogde pis van mijn collega’s met me doet. Mij terugbrengen in de goeie ouwe tijd waar ik als klein jongetje mijn behoefte deed naast de Autoroute du Soleil. Denkend aan de vakantie nog voor mij lag.

 

Be the first to comment

Leave a comment

Your email address will not be published.