Hup Oranjeleeuwinnen!

Vrouwenvoetbal. Zo moet je dat noemen. Ik maakte ooit de fout om het over damesvoetbal te hebben. Meteen werd ik door een paar feministische voetbalhooligans bij de strot gegrepen. Ik kreeg ik een mes op de keel en er werd mij verteld dat ze precies wisten waar ik woonde en dat ze nog weleens op de koffie zouden komen als ik ooit nog eens het woord damesvoetbal in de mond zou durven nemen. Sindsdien is vrouwenvoetbal een soort blinde darm geweest voor mij. Het was er, het zat nooit in de weg, maar wat je eraan hebt werd me nooit helemaal duidelijk. 

Totdat ik van de week eens op de bank lag te zappen. Ik had een Netflix serie afgerond en was nog zoekend naar de volgende. Al zenderhoppend stuitte ik op de wedstrijd Nederland – Noorwegen. Het viel meteen op hoe oranje de tribunes waren. Hoe die vrouwen het voor elkaar hadden gekregen wist ik niet, maar dit was duidelijk een volwassen toernooi. Niet ergens op een achteraf veldje met zelf geprinte toegangskaartjes en broodjes knakworst in de pauze. Er was een geheime samenzwering gaande geweest en zonder mij te notificeren hadden die wijven een heus fucking EK opgezet. Als vanzelf  liep ik naar de koelkast voor een biertje. Mijn huiskamer vulde zich plotseling met een oranje EK sfeertje.

Net zoals bekervoetbal anders is dan competitievoetbal, is vrouwenvoetbal compleet anders dan het voetbal wat je gewend bent. En dat is prima. De valkuil is om het te gaan vergelijken. Niet doen. Gewoon lekker hopen dat die voorzet aankomt en die kopbal erin gaat. Naarmate de wedstrijd vorderde betrapt ik mijzelf op een ‘kom op!’ en een ‘geef nou!’ die ik naar de tv schreeuwde.

De volgende pot, tegen de Deentjes, keek ik met enkele voetbalmaatjes. De ironie moet je ons vergeven. Ironie hoort bij alle voetbal en dus ook bij vrouwenvoetbal. Liedjes werden ter plekke verzonnen en gingen bij een slechte prestatie over ongesteld zijn. Toen er een voetballer geblesseerd op de grond lag vroeg ik: ‘Oh jee, heeft ze nu een gat in haar hand?’ Op het moment dat er iemand vond dat er een kaart getrokken moest worden zat hij met zijn creditcard te zwaaien. Zouden die vrouwen ook dezelfde humor hebben in de kleedkamer? Voor de gein in elkaars shampooflesje pissen bijvoorbeeld? Humor moet. Altijd. Het zure gespui van feministen en fopministen ten spijt.

Vrouwenvoetbal heeft een paar grote stappen gezet op weg naar volwassenheid. Hopelijk schoppen de OranjeLeeuwinnen (zijn dat geen tijgers?) het ver en gaan we nog veel van ze horen.