Viktor met zijn kokosnoten

Brazilië, ik kom er niet vaak, maar wel graag. Brazilië is nu wat Frankrijk voor mij als kind was. Een ver land waar ik de taal nauwelijks spreek en waar je jezelf maar moet zien te redden. Dat zijn dan ook meteen de enige overeenkomsten die er zijn. Het land maakt een enorme groei door en er is veel rijkdom, maar tegelijkertijd is er natuurlijk nog steeds veel ongebreidelde armoede. Miljoenen mensen leven in huisjes van golfplaten in de favela’s en hebben nauwelijks toegang tot onderwijs en gezondheidszorg.

De vrolijkheid waarmee de armoede wordt weggelachen is opvallend in Brazilië. Veel mensen hebben helemaal niks en toch zijn ze vaak vrolijker gestemd dan menig West-Europeaan. Zo ook Viktor.

Viktor heeft een piepklein hutje aan het strand met een rieten dakje erop. Hij verkoopt kokosnoten. Als je bij Viktor een kokosnoot koopt, dan hakt hij er met een groot mes een gat in, zodat je met een rietje de heerlijke kokosmelk kunt drinken. Als je kokosnoot leeg is heb je twee opties. Je geeft hem terug en je vertrekt, of Viktor hakt de schil eraf zodat je de kokosnoot kunt opeten.

Onlangs had ik de eer om weer eens naar Brazilië af te reizen en dan is een kokosnoot bij Viktor vaste prik. Zoals altijd lag hij in zijn hangmat. Ik moest hem wakker maken om mijn bestelling te doen. Dat klinkt misschien niet leuk maar ik ben de enige klant die ik ooit bij Viktor heb gezien. Tijd zat om te slapen dus. Bovendien vindt Viktor het altijd gezellig als ik even kom babbelen tijdens een kokosnootje. Ik spreek geen Portugees, Viktor slecht Engels en toch kletsen we samen een aardig eindje weg.

De kokosnoot smaakte weer heerlijk en ik kreeg een fantastisch idee. Ik vroeg Viktor waarom hij niet veel meer reclame zou gaan maken voor zijn kokosnoten. Viktor vroeg waarom. ‘Nou,’ zei ik, ‘dan zul je zien dat je meer van jouw heerlijke kokosnoten verkoopt. ‘En dan?’ vroeg Viktor. ‘Nou,’ ging ik verder. ‘Als je meer verkoopt, dan komt er meer geld binnen en dat kan je dan weer investeren.’ ‘En dan?’ vroeg Viktor lachend. ‘Nou,’ probeerde ik Viktor te overtuigen, ‘Als je investeert kun je misschien wel uitbreiden. Dan heb je niet één kokosnotententje maar wel twee of drie en uiteindelijk een hele keten. En je zou ook nog een kokosnootplantage kunnen overnemen.’ ‘En dan?’ daagde Viktor me uit. ‘Met die plantage beheers je dan de productie- en distributieketen van je product. Je kunt dan scherp gaan concurreren en uiteindelijk marktleider worden. Ook kun je gaan exporteren naar Europa. Je maakt gewoon drie soorten stickers voor op je kokosnoten. De eerste is voor een sterk merk, bijvoorbeeld de Viktor kokosnoot. Die mag best wat kosten. Dan is er nog de Fair Trade kokosnoot, die levert altijd een paar centen extra op. Tenslotte is er de sticker voor de budget kokosnoot. Dat ze uiteindelijk allemaal van jouw plantage komen, doet er niet toe. Dat is slimme marketing, snap je?’

‘En dan?’ ging Viktor verder. ‘Dan ben je uiteindelijk zo rijk dat je helemaal niks meer hoeft te doen,’ zei ik. ‘Dan kun je lekker de hele dag in een hangmat op het strand gaan liggen. Viktor lachte al zijn tanden bloot. ‘En wat doe ik nu dan?’

 

Be the first to comment

Leave a comment

Your email address will not be published.